Helgers Advocaten

Wajong: herbeoordeling van uw arbeidsvermogen

In 2015 – op het moment dat de Participatiewet in werking trad – is ook de Wajong veranderd. Personen met een zogenaamde “oude” Wajong uitkering moeten vanaf dat moment een herbeoordeling ondergaan. Deze herbeoordelingen moesten in de periode 2015-2017 plaatsvinden, echter lopen hierover nog diverse procedures.

Bij de herbeoordeling wordt u beoordeeld op basis van “arbeidsvermogen”, een criterium dat voor 2015 geen rol speelde bij een herbeoordeling.

Tot 2015 vond namelijk een zogenaamde “loonvergelijking” plaats waarbij werd gekeken naar de verdiencapaciteit, met andere woorden: wat zou iemand nog kúnnen verdienen.

Bij de huidige beoordeling van “arbeidsvermogen” wordt door het UWV het volgende betrokken:

  • Zijn er mogelijkheden voor het uitvoeren van taken binnen een arbeidsorganisatie?;
  • Is er sprake van basale werknemersvaardigheden?;
  • Kan de betrokken persoon minimaal een uur aaneengesloten werk verrichten? en
  • Is de betrokken persoon minimaal vier uur per dag belastbaar.

Uiteraard zijn de persoonlijke en medische omstandigheden en mogelijkheden voor arbeidsinschakeling van belang bij een dergelijke beoordeling. Dit dient steeds per individueel geval en in samenhang met elkaar door UWV beoordeeld te worden.

Mocht het UWV oordelen dat sprake is van “arbeidsvermogen” dan zal de Wajong uitkering met ingang van 1 januari 2018 van 75 % van de grondslag verlaagd worden naar 70%.

  • Eerder (kort) gewerkt maar alsnog ‘vastgelopen’? Vrijwilligerswerk verricht? En nu?

 

Hoe moet het “arbeidsvermogen” gezien worden in een situatie waarin iemand in het verleden toch voor een korte(re) periode is ingeschakeld voor werk maar vervolgens, gelet op zijn beperkingen, is vastgelopen? En hoe verhoudt vrijwilligerswerk zich tot het begrip “arbeidsvermogen”? Kan UWV op basis van een vrijwilligersovereenkomst stellen dat sprake is van arbeidsvermogen dan wel dat er mogelijkheden bestaan tot arbeidsparticipatie?

Deze vragen zijn onlangs voorgelegd aan de bestuursrechter van de Rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond. Uitspaak is gedaan op 27 juli 2018[1] .

De rechtbank heeft – kort gezegd – overwogen dat het enkele gegeven dat sprake is van een vrijwilligersovereenkomst er niet toe leidt dat UWV vervolgens bij een heroverweging in bezwaar alsnog geen onderzoek dient te (laten) verrichten naar de relatie tussen deze overeenkomst en de vraag of sprake is van arbeidsvermogen. De rechtbank is van oordeel dat hierbij eveneens de inhoud van de vrijwilligersovereenkomst bezien dient te worden. Is de overeenkomt gericht op sociale activering dan wel op inschakeling in arbeid? Hierin zit immers een wezenlijk verschil.

Daarnaast heeft de rechtbank zich in voornoemde uitspraak uitgelaten over het. Bij een herbeoordeling van de Wajong hanteert UWV een formulier waarin de betrokken persoon wordt gevraagd of hij het eens is met de voorlopige (her)beoordeling. In de uitspraak wordt dit formulier door de rechtbank aangeduid met het zogenaamde “kruisjesformulier”.

Op dit formulier staat onder meer de volgende vraag: “Wat vindt u van onze voorlopige beoordeling?”

De rechtbank heeft hierover overwogen dat de enkele omstandigheid dat de persoon in kwestie deze vraag beantwoordt met “Ik ben het hiermee eens” onverlet laat dat in bezwaar alsnog op kan worden gekomen tegen de conclusie dat sprake is van arbeidsvermogen. U kunt dus ook na dit “kruisjesformulier” op juridische gronden nog bezwaar indienen tegen de herbeoordeling.

Kortom, mocht u een herbeoordeling in verband met uw (oude) Wajong uitkering hebben gehad en kunt u zich niet vinden in de uitkomst ervan? Mocht u vrijwilligerswerk hebben verricht dan betekent dit niet per definitie dat daarmee sprake is van “arbeidsvermogen”. Neemt u gerust contact op met Helgers Advocaten om uw UWV-herbeoordeling eens te bespreken.

Auteur: mr. J. (Jakob) Nouta

[1] Rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, 27 juli 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:7227.