Helgers Advocaten

Een lang proces met een bitter einde

In eerdere blogs schreef ik over zaken die na een lange juridische strijd toch tot een goed einde werden gebracht. Dat geeft veel voldoening. Uiteraard zijn er ook zaken die niet positief eindigen. Daar kan ik mee leven. Onze Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) neemt natuurlijk ook terechte beslissingen en niet elke asielaanvraag is gegrond. Toch zijn er ook negatieve beslissingen waar ik veel moeite mee heb. In de zaak die ik vandaag bespreek, is dat absoluut het geval.

In augustus 2015 meldt zich bij de IND een Afghaanse jongeman. Hij vraagt asiel aan. Naar eigen zeggen kan hij niet meer terugkeren naar Afghanistan, omdat hij is ontvoerd, gemarteld en verkracht. De ontvoerders wilden losgeld zien, anders zouden zij hem doden. Cliënt geeft aan dat hij op enig moment de kans zag om te ontsnappen. Hij wist de ketting waarmee hij zat vastgeketend aan de muur los te maken. Met ketting en handboeien wist hij een raam van het dak te bereiken. Hij is uit dat raam gesprongen. Bij de val brak hij een rugwervel, omdat hij op een stapel stenen terecht kwam, maar toch wist hij zich door het moeras in veiligheid te stellen. Hierna werd door een oplettende buurtbewoner de politie gealarmeerd. De politie wist uiteindelijk twee ontvoerders te arresteren. Dit zou op de nationale televisie zijn uitgezonden. De andere ontvoerders wisten te ontkomen.

Cliënt besloot met zijn familie naar de hoofdstad Kaboel te verhuizen. Zij voelden zich niet meer veilig in hun eigen woonomgeving. Bovendien waren niet alle ontvoerders opgepakt. Later bleek dat de ontvoerders hen ook in Kaboel wisten te traceren, want er werden nieuwe bedreigingen geuit. Dat was het moment waarop besloten werd om het land te verlaten.

Het komt niet vaak voor dat een asielzoeker heel veel bewijs heeft van wat er gebeurd is, maar bij deze cliënt was dat anders. Hij had filmpjes bij zich waarop te zien is dat hij geboeid is en dat hij vastgeketend aan de muur zit. Cliënt smeekt zijn familie om losgeld te betalen. Deze filmpjes werden naar de familie gestuurd om hen op die manier ertoe te bewegen om losgeld te betalen. Ook had cliënt een brief van een ziekenhuis uit Afghanistan, waaruit bleek dat hij kort na de ontvoering was geopereerd wegens een gebroken rugwervel. In Nederland had cliënt ook een medisch onderzoek ondergaan, waaruit naar voren kwam dat er letsel zichtbaar was dat de gestelde verkrachting kon verklaren.

De IND achtte uiteindelijk de ontvoering en de mishandeling en verkrachting gedurende de ontvoering geloofwaardig. Volgens de IND was de ontsnapping aan de ontvoerders niet geloofwaardig. Het is niet aannemelijk dat cliënt de ketting zou hebben weten los te maken van de muur, om vervolgens met ketting en handboeien het dak te bereiken en uit een raam van dat dak te springen, daarbij een rugwervel te breken, en toch nog weten te ontsnappen. Daarom gelooft de IND ook niet dat cliënt later nog zou zijn bedreigd. Bovendien zijn twee ontvoerders gearresteerd.

Cliënt leverde uiteindelijk nog beeldmateriaal van de politie aan. Op dat beeldmateriaal was de woning waar cliënt werd vastgehouden van binnen te zien. Zichtbaar was dat er een ketting in de muur gezeten had en dat die ketting was verwijderd. Ook andere details die cliënt genoemd had, werden bevestigd door het onderzoek van de politie. Zo ook voetsporen van cliënt in het moeras en de stapel stenen die direct onder het raam van het dak lagen.

Namens cliënt heb ik een medisch bureau ook nog onderzoek laten doen naar de breuk van de rugwervel en heb ik de vraag gesteld of het met zo’n breuk mogelijk is om nog te rennen, te klimmen enzovoorts. Het medisch onderzoek bevestigde het ontstaan van de rugwervelbreuk zoals cliënt had aangegeven. Bovendien leverde zo’n breuk niet direct een belemmering op bij het rennen en klimmen.

De rechtbank was het met cliënt eens dat de IND op basis van de verklaringen van cliënt en de voorhanden zijnde bewijsmiddelen niet goed gemotiveerd heeft waarom de ontsnapping aan de ontvoerders ongeloofwaardig is. Daarom is ook niet goed gemotiveerd waarom de latere bedreigingen ongeloofwaardig zijn. Toch wordt het beroep van cliënt ongegrond verklaard, omdat de rechtbank van oordeel is dat niet is gebleken dat cliënt in de hoofdstad Kaboel nog een zeker gevaar loopt. Een deel van de ontvoerders was immers al gearresteerd en cliënt kon niet noemen wie de overige ontvoerders waren. Bovendien is de rechtbank van oordeel dat de Hazara bevolkingsgroep niet zodanig achtergesteld in de hoofdstad dat zij een groter risico lopen.

Cliënt besloot om hoger beroep in te stellen tegen de uitspraak van de rechtbank. Omdat hij die procedure in principe niet in Nederland mag afwachten, werd de hoogste rechter gevraagd om te beslissen dat cliënt het resultaat van het hoger beroep wel in Nederland mocht afwachten. Zoiets wordt een verzoek om een voorlopige voorziening genoemd. Dat verzoek werd toegewezen. Na maanden wachten kwam onlangs dan toch de uitspraak op het hoger beroep. Zonder enige motivering werd het hoger beroep ongegrond verklaard.

Gelet op de problemen die cliënt heeft meegemaakt in Afghanistan, maar ook gelet op het feit dat de veiligheidssituatie in Afghanistan, en in het bijzonder in Kaboel, zodanig verslechterd is, had ik een heel ander oordeel van onze hoogste rechter verwacht. Te meer nu het verzoek om een voorlopige voorziening werd toegewezen en daaruit wel bleek dat het hoger beroep een meer dan redelijke kans van slagen had. De uiteindelijke uitspraak op het hoger beroep ging dan ook tegen alle verwachtingen in en doet mijns inziens geen recht aan de zaak.

Momenteel overweegt cliënt een klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, omdat hij van mening is dat Nederland hem onvoldoende bescherming biedt. Ook wordt een nieuwe aanvraag voorbereid. We geven niet op. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Geschreven door:

Cliff Raafs
Advocaat