Helgers Advocaten

Leidt strafvervolging (altijd) tot einde dienstverband?

In mijn praktijk sta ik veel cliënten bij die zich moeten verantwoorden voor de politierechter of een meervoudige strafkamer.

In de meeste gevallen hebben deze cliënten geen werkgever; zij genieten een uitkering of hebben eigen middelen. Maar het is me ook overkomen dat de cliënt een werkgever heeft. Een van de eerste vragen die ik dan – vaak al op het politiebureau – krijg van cliënt is: hoe zit het nu met mijn werk? Raak ik mijn baan kwijt?

Vaak denken mensen dat strafvervolging een reden is voor ontslag op staande voet. Dat men dat denkt is uiteraard gunstig voor menig werkgever, maar niet voor de werknemer. Strafvervolging is niet per definitie een reden die ontslag op staande voet rechtvaardigt. Werknemers die op staande voet worden ontslagen omdat ze in voorarrest zitten zullen daar vaak niet tegenin gaan; zonde. Daar meer over in een volgende blog.

Strafvervolging hoeft zeker niet te leiden tot einde dienstverband, immers is men in Nederland onschuldig tot het tegendeel wettig en overtuigend is bewezen. Dat neemt uiteraard niet weg dat een persoon een bepaalde tijd in voorarrest kan verblijven. Op dat moment is cliënt niet beschikbaar voor arbeid. Een oplossing die dan voor werknemer/ werkgever geboden kan worden is dat de werknemer verlofdagen opneemt om dit voorarrest te overbruggen. Een andere optie is artikel 7:627 BW, hetgeen hierin genoemd wordt komt neer op: geen arbeid dus geen loon. Zowel de verlofdagen als de dagen zonder loon zijn schadeposten voor cliënt. Mocht cliënt worden vrijgesproken (van alle ten laste gelegde feiten!) dan heeft hij recht op een schadevergoeding. Let op; cliënt dient te worden vrijgesproken van alle feiten op de tenlastelegging, anders geen recht op schadevergoeding.

Maar wat nu als cliënt wel wordt veroordeeld voor een (ernstig) strafbaar feit en een (geruime) tijd vast komt te zitten? Is dat dan wel een dringende reden die het ontslag op staande voet doet rechtvaardigen? Het antwoord daarop is: (in beginsel) neen. Of een onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling van een werknemer die als gevolg daarvan zijn werk niet kan doen een ontslag op staande voet rechtvaardigt, moet worden beoordeeld op grond van alle – in onderling verband en samenhang te beschouwen – omstandigheden van het geval, dit volgens de Hoge Raad in het arrest van 12 februari 1999.[1]

In dit arrest gaat het over een medewerker van de ABN AMRO BANK NV die werkzaam is bij de kredietadministratie van de bank. De betreffende persoon wordt op een gegeven moment verdachte van een ernstig strafbaar feit, namelijk ontucht met zijn minderjarige stiefzoon. De rechtbank veroordeelt hem tot een gevangenisstraf van drie jaren, waarvan één voorwaardelijk, hij laat weten aan zijn werkgever tegen dit vonnis in hoger beroep te gaan. Toch wordt hij op staande voet ontslagen.

Zoals reeds aangegeven moet het ontslag op alle – in onderling en samenhang te beschouwen – omstandigheden van het geval beoordeeld worden. Het ontslag op staande voet is nietig verklaard en dat komt mede door de volgende overwegingen:

  • Ten eerste neemt het hof in aanmerking dat het strafbare feit waarvoor de werknemer is veroordeeld in geen enkel verband stond tot de werkzaamheden die hij voor ABN AMRO verrichtte; Het delict waarvoor werknemer is veroordeeld, heeft zich geheel in de privésfeer voltrokken en niet gebleken is dat van de strafbare handelingen van hem enige negatieve invloed op zijn functioneren als werknemer is uitgegaan
  • Ten tweede heeft ABN AMRO geen directe schade geleden als gevolg van het feit dat de werknemer een detentie onderging en voorlopig nog geruime tijd gedetineerd zou blijven. Het loon is niet betaald vanaf het moment dat de werknemer gedetineerd zat dit ingevolge van – het eerder in de blog genoemde – artikel 7:627 BW; geen loon indien er geen arbeid wordt verricht.

Dit samen met de duur van het dienstverband en de leeftijd van de werknemer – dit in verband met zijn kansen op de arbeidsmarkt – leidt dit alles het hof tot het oordeel dat de onherroepelijkheid van de strafrechtelijke veroordeling van de werknemer en zijn voortdurende detentie niet voldoende zijn voor het aan de werknemer gegeven ontslag op staande voet.

Mocht u dus een dagvaarding hebben ontvangen dat zich dient te verantwoorden voor de politierechter of meervoudige strafkamer. Of zit een bekende van u in voorarrest dan sta ik u graag bij, voor zowel de strafzaak als de arbeidszaak.

[1] HR 12 februari 1999, NJ 1999, 643

 

Geschreven door:
mr. Patrick Tay
Advocaat